NET KOENE

DE MAGIE VAN TAAL

 

home

 

inhoudsopgave

contouren 2

 

 

contouren  

In De Magie van Taal illustreer ik een aantal hypothesen over de systematische bijdrage van toonhoogte aan de betekenis van wat we zeggen. Op papier kan ik de toonhoogtecontouren niet laten klinken, ik kom niet verder dan een notatie op grond waarvan die contouren als het goed is weer te reconstrueren zijn.  

Ter aanvulling spreek ik een aantal van die contouren uit, met een beknopte uitleg over de geïllustreerde hypothesen.

Per hoofdstuk:


Hoofdstuk 16:  ‘Wat we horen’

Per hypothese kunnen we een grammaticaal onderwerp gebruiken hetzij om naar iemand/iets te verwijzen hetzij zonder zo’n verwijzing. Deze informatie, de keuze tussen verwijzend en niet-verwijzend, voegen we systematisch toe met een precies gelokaliseerd minimaal paar uitspraakkenmerken: de toonhoogtecontour raakt voorbij de top van de laatste lettergreep van het grammaticale onderwerp al dan niet op minstens een punt de bodem.

Laten we de contour de bodem raken dan gebruiken we het grammaticale onderwerp om naar iemand/iets te verwijzen; met het grammaticale gezegde doen we dan een uitspraak over die/datgene. Raakt de contour op dat punt de bodem niet dan blijft ook verwijzing ‘in de lucht hangen’, en tekenen we met de grammaticale onderwerp-gezegdeconstructie een situatieschets.  

Deze informatie is onafhankelijk van de informatie die we met toonhoogteaccent toevoegen (toonhoogteaccent laat horen hoe de informatie in de context past). In combinatie met een negatief gezegde versterkt de ontkenning het effect van het verschil tussen een uitspraak over iemand/iets en een situatieschets: we doen dan hetzij een negatieve uitspraak over iemand/iets of we ontkennen de geschetste situatie. 

Dit verschil is het best te horen wanneer het grammaticale onderwerp ‘onbepaald’ is. Het kan lijken of het om een verschil in ‘bereik’ van de ontkenning gaat, hetzij het gezegde, hetzij de hele zin, maar het gaat dus om een met toonhoogte aangegeven verschillend gebruik van het grammaticale onderwerp. 

In hoofdstuk 16 van mijn boek illustreer ik de hypothese en het effect aan de hand van de zin Een van zijn geestverwanten is niet komen opdagen. Zoals het hier staat kunnen we de zin begrijpen als een mededeling over een zekere geestverwant die niet verscheen of als de mededeling dat er niemand van de geestverwanten verscheen. Voor de eerste voorbeelden voeg ik twee toonhoogteaccenten toe: op geest(verwanten) en op op(dagen) – in de notatie weergegeven als g|eestverwanten en |opdagen

Er zijn dan nog verschillende toonhoogtecontouren mogelijk. Ik beschrijf een aantal daarvan, waarbij ik de contour met een gestileerde notatie weergeef. In alle gevallen is het de toonhoogte van de laatste lettergreep van het grammaticale onderwerp – genoteerd als ↓ of ↑ – die bepaalt hoe we de zin begrijpen.

Klik op de naam van de contour voor de geluidsweergave. Het beste met gesplitst scherm te bekijken zodat tekst en contour naast elkaar staan.

 

 Contour I         

                            

                           

Contour II      

   


 ___