NET KOENE

DE MAGIE VAN TAAL

 

home

 

inhoudsopgave

contouren

contouren 3

 

contouren 2

 

Contour III markeert de grens tussen het (op dat punt al als ‘laag’ te horen) grammaticale onderwerp en het gezegde met een ‘late’ stijging. Deze intonatie is ook goed te horen wanneer we een ‘bijstelling’ aan dat onderwerp toevoegen: Een van zijn g|eestverwanten, een oudged|iende, is niet komen |opdagen.

Contour IV markeert de grens tussen een ‘hoog’ grammaticaal onderwerp en het gezegde:

Contour V is een veelvoorkomende contour, goed herkenbaar als je hem eenmaal bewust hebt gehoord. De betekenis is onmiskenbaar. Interessant is de vergelijking met contour III:

We kunnen andere woorden in de zin van een toonhoogteaccent voorzien, we kunnen accenten toevoegen, of accenten weglaten wanneer een en ander al aan de orde is geweest. Wat we ook aan de plaatsing van toonhoogteaccent veranderen, het  is alleen van invloed op het al dan niet verwijzende karakter van het grammaticale onderwerp als daarmee ook de toonhoogte van de laatste lettergreep van het grammaticale onderwerp verandert.